Drielaagse opbouw
Sorelex bestaat uit drie functionele lagen:
1. Actieve wondcontactlaag
De laag die rechtstreeks in contact komt met het wondbed bevat natriumhyaluronaat en octenidine dihydrochloride. Deze bestanddelen ondersteunen de natuurlijke wondgenezing en hebben een antibacteriële werking.
2. Reinigende tussenlaag
De middelste laag vangt necrotisch weefsel, wondbeslag en débris op en helpt deze uit het wondbed af te voeren.
3. Transportlaag
De buitenste laag voert overtollig wondexsudaat verticaal af naar een geschikt secundair wondverband.
Werking
Wanneer de actieve laag van Sorelex in contact komt met wondexsudaat, ontstaat in het wondbed een gel. Deze gel helpt een vochtig wondmilieu te creëren en in stand te houden. Het verband hecht zich licht aan het wondbed en vormt zich soepel naar de wondcontouren.
Het natriumhyaluronaat in de actieve laag komt van nature voor in het menselijk lichaam en is een belangrijk onderdeel van de extracellulaire matrix. Het ondersteunt de regulatie van ontstekingsreacties en creëert gunstige omstandigheden voor celmigratie, celproliferatie en natuurlijke weefselregeneratie.
Octenidine dihydrochloride is een antisepticum met een breedspectrumwerking tegen grampositieve en gramnegatieve bacteriën en schimmels. Dankzij het lage cytotoxische niveau en het uitblijven van opname in de systemische circulatie kan Sorelex veilig lokaal worden toegepast.
Door de speciale gelaagde opbouw wordt het wondexsudaat voornamelijk verticaal afgevoerd. Hierdoor verspreidt het vocht zich minder snel naar de wondranden en wordt het efficiënt overgebracht naar het secundaire wondverband.
Dankzij deze werking heeft Sorelex de volgende primaire functies: afdekken, absorberen, reinigen en ondersteunen van wondherstel.
Indicaties
Sorelex is geïndiceerd voor de behandeling van:
- Oppervlakkige acute wonden
- Stagnerende en complexe wonden
- Gecontamineerde wonden
- Wonden met een verhoogd risico op ontsteking
- Exsuderende wonden
- Veneuze ulcera
- Diabetische voetulcera
- Decubituswonden tot en met categorie 3
- Traumatische wonden
- Chirurgische wonden
- Chronische (langdurig bestaande), complexe en oppervlakkige geïnfecteerde wonden
Binnen het WCS-classificatiemodel kan Sorelex worden toegepast bij zwarte, gele en rode wonden, mits sprake is van een vochtig wondmilieu.
Contra-indicaties en aandachtspunten
Sorelex wordt bij voorkeur niet toegepast bij:
- Droge wonden, tenzij het wondbed vooraf voldoende wordt bevochtigd
- Hyiodine en Sorelex niet gelijktijdig inzetten
- Onregelmatig gevormde wonden of wonden met een sterk grillig wondbed
Voor een optimale werking moet de actieve laag voldoende contact maken met het volledige wondbed. Bij sterk onregelmatige of diepe wonden kan dit contact onvoldoende zijn.
Raadpleeg vóór gebruik altijd de actuele gebruiksaanwijzing en volg het behandeladvies van een bevoegde zorgprofessional.